t Greunenkriek: voor wie zich rijk voelt in het Gronings(e).



Nait om t liek willen

  • By Ingeborg
  • 31 May, 2017

Over het CSE Nederlands en spraakverwarring tussen gecommitteerden

Groningen/ Zoetermeer De gecommitteerden waren het erover eens: het opstel dat de leerling had geschreven tijdens het Centraal Schriftelijk Eindexamen Nederlands verdiende een cijfer dat de classificatie 'ruim voldoende' oversteeg. Ze sloegen allebei aan het tellen: aan welke criteria was de leerling tegemoetgekomen en welke punten waren wat zwakker uitgewerkt? Kwam het cijfer uit op een 'goed' of werd het opstel zelfs gewaardeerd met een 'zeer goed'? Voor spelling en interpunctie hoefde slechts 0,3 punt van het uiteindelijke bruto cijfer te worden afgehaald, dus dat was eenvoudig om over op één lijn te komen.

Tegenwoordig wordt er stevig geklaagd over het CSE Nederlands voor met name havo en vwo. Terecht, want leesvaardigheid zegt weinig over het taalgevoel van een tiener. Zo`n examen is niet een finalewerk waarnaar scholieren jaren toewerken en die alle deelvaardigheden van het vak test. Daarbij zijn de teksten regelmatig voor meerdere lezingen te vatten en de vragen ambigu, wat haaks staat op het exacte karakter van het beoordelingsmodel. De meeste docenten Nederlands in het voortgezet onderwijs zijn het er daarom over eens: weg met de eindtoets in deze vorm!

De vraag blijft echter: wat moet er dan voor in de plaats komen? Eind jaren negentig bestond het examen nog uit een toets leesvaardigheid en een toets schrijfvaardigheid. En hoewel er ook veel op af te dingen valt op die vorm: een opstel toetst beslist verschillende vaardigheden en vereist van de leerling bovendien meer eigen inbreng. Het probleem hierbij is echter dat het, ondanks zorgvuldig uitgekiende correctiemodellen, voor twee docenten vaak lastig is om op één lijn te komen qua beoordeling. Smaak speelt namelijk ook een rol: wat de één een prachtig verhaal vindt, is voor de ander bombastische edelkitsch.

In het bovenstaande geval van jaren geleden speelde dit debacle geen rol van betekenis, want de docenten uit de twee verschillende delen van het land waren het erover eens dat de leerling in kwestie de paar uur van het examen goed benut had door een sterk verhaal te schrijven met spanning en gelaagdheid en dat in een onderhoudende schrijfstijl.

De gecommitteerde uit Zuid-Holland brak zich echter het hoofd over een frase uit de tekst van die leerling van het scholengemeenschap in Groningen: "Over een dwars personage schrijft ze dat hij niet 'om het lijk' wil. Om het lijk! Wat is dat voor een lugubere uitdrukking?" De collega uit het noorden grinnikte. Zijn van huis uit Groningstalige leerling had de Groningse uitdrukking 'nait om t liek willen', waarbij ‘liek’ niet vertaalbaar is met ‘lijk’ maar met ‘gelijk’, onterecht opgevat als rechtstreeks vertaalbaar naar het Nederlands. 'Geen concessies willen doen/ niet in het gelijke willen komen', zoiets betekent dat. De docent was bereid iets van het cijfer van zijn leerling te halen. Desondanks kwam ze voor dit onderdeel nog steeds uit op een mooie negen en hij wist dat ze daar blij mee zou zijn. Een beetje compensatie was wel nodig, daar ze bij wiskunde beslist ‘nait om t liek wol'.

Share by: